Dit is mijn eerste bijdrage in dit deel van het forum. Ik brouw doorgaans civiele luchtvaartmodellen maar ik heb veel interesse in techniek in het algemeen, dus ik ga mijn eerste vliegkampschip brouwen. Of Vliegdekschip (wat is het verschil?) Als ik ergens de plank missla, als leek in de scheepsvaartwereld: kritieken zijn welkom!
Mijn oom was Hofmeester op de laatste reis van de ‘De Dikke Boot’ en zijn verhalen bij verjaardagen vind ik geweldig. Net zoals het verhaal achter het schip zelf: Een naoorlogs ‘wegwerpschip’, sterk verbeterd door hoogwaardige Nederlandse techniek. Vernoemd naar iemand die wist dat de Nederlandse vloot ten onder zou gaan daar in de Javazee, terwijl onder zijn naam eerherstel had moeten plaatsvinden. Een schip dat om redenen van prestige sloten belastinggeld opslokte, terwijl Nederland volop bezig was met de wederopbouw. En een schip dat haar werkelijke betekenisvolle taak pas kreeg nadat besloten was er afstand van te doen. Scherpe statements die ik later zal toelichten en voorzien van bronnen. Alleen al de research voor dit model was fascinerend. Grote dank aan alle fora over dit onderwerp en in het speciaal
http://www.vlaggeschipsmaldeel5.nl. Deze site is een encyclopedie een must om grondig te bestuderen voor men deze dame gaat brouwen.

Bron: nimh-beeldbank.defensie.nl, Eigenaar: Fotoafdrukken Koninklijke Marine, via Wikimedia Commons
Citaat:
Disclaimer: deze brouw gaat over techniek en historie, niet over politiek. Ik ben me bewust van de gevoeligheden over Indonesië versus Nederlands-Indië. Ik neem geen stelling in over de militaire rol van Nederland en in het bijzonder schout-bij-nacht Karel Doorman, die in 1942 tijdens de Slag in de Javazee als eskadercommandant met het vlaggenschip Hr.Ms. De Ruyter ten onder was gegaan. Feitelijk was met die val het lot van de kolonie bepaald. Na de oorlog moest de koloniale orde worden hersteld, terwijl de wens tot zelfstandigheid groter en groter werd. De strijd heeft veel leed tot gevolg gehad, die door velen tot de dag van vandaag worden gevoeld. Dit alles zie ik los van de scheepvaart en luchtvaarttechniek en respect voor de mensen van onze Koninklijke Marine.
Hr.Ms. Karel Doorman (R81)De Karel Doorman was het tweede en laatste vliegdekschip van de Koninklijke Marine. Met een lengte van 213,5 meter was het, tot de komst van de huidige Karel Doorman JSS, qua lengte en breedte ook het grootste schip dat ooit bij de Nederlandse marine heeft gevaren. De waterverplaatsing was bijna 20.000 ton (na de verbouwing).
Het schip behoorde tot de Colossusklasse en was op 17 januari 1945 bij de Royal Navy in dienst gesteld als HMS Venerable (R63). De Royal Navy heeft het schip tijdens de Tweede Wereldoorlog in de Pacific ingezet, als onderdeel van 11th Aircraft Carrier Squadron. Het had op haar eerste reis 21 Corsairs en 18 Barracudas aan boord, die geen strijd meer hebben geleverd. Na afloop van de oorlog werd het overbodig verklaard en verkocht aan Nederland. Op 2 juni 1948 voer het voor het eerst onder Nederlandse vlag de Rotterdamse haven binnen.
(Bronnen: collectie.nmm.nl, marineschepen.nl, naval-encyclopedia.com)Historisch perspectief; een wegwerpschipDe schepen uit de Colossusklasse waren ontworpen voor inzet tijdens de Tweede wereldoorlog met een maximale levensduur van 3 jaar. Omdat de scheepsarchitecten van de Britse marine tijdens de oorlogsjaren overwerkt waren, werd het ontwerp uitgevoerd door het civieltechnisch conglomeraat Vickers-Armstrong. De Colossus schepen, van het type ‘British Light Fleet Carrier’ (ook wel aangeduid met ‘CVL’), waren simpel van ontwerp waardoor ze snel en goedkoop elkaar gezet konden worden door werven die geen of weinig ervaring hadden met oorlogsbodems. Ze werden door de Admiraliteit gezien als 'disposable warships'. Wegwerpschepen dus, die na afloop van de oorlog zouden worden afgebroken.
Er was ook niet geïnvesteerd in comfort of gemak: het was snel bloedheet benedendeks, er was te weinig rustgelegenheid en dan ook nog in de vorm van hangmatten. Er was geen gecentraliseerde kombuis waardoor het voeden van de 1500 manschappen een logistieke ramp was.
(Bronnen: Angus Konstam, ‘British Aircraft Carriers 1939–45’, Antony Preston, ‘Aircraft Carriers’)
Bron: Wilton-Fijenoord via Facebook (1969, na de overdracht aan Argentinië)
Dutch engineeringDe initiële bouw bij de Cammell Laird werf in Birkenhead, van kiel tot klaar, duurde 27 maanden. De grote verbouwing tien jaar later, bij Wilton Fijenoord, duurde langer. Namelijk 33 maanden! Pas na deze ingreep kon de R81 zich rekenen tot de modernste lichte carriers ter wereld en was het een van de best uitgeruste vliegkampschepen. Naast grote uiterlijke veranderingen, zoals het 8 graden hoekdek en de stoomkatapult, bracht de verbouwing ook benedendeks verbeteringen met zich mee zoals voldoende stalen kooien. De nieuwe radar en navigatieapparatuur, uiteraard van Nederlandse makelij, was ‘state of the art’ voor zijn tijd.
De hydrodynamisch lijn van het schip bleef hetzelfde (ontworpen naar specificaties van Lloyd Register Group). De maximale snelheid was 25 kts, met een standaard cruisespeed van 15 kts (28 kilomter per uur, de hedendaagse generatie Carriers gaat bijna twee keer zo snel). De voortstuwing door middel van twee stoomturbines, gebouwd door de uitvinder ervan: C.A. Parsons and Company, bleef ongewijzigd. Maar voor het overige deel van het ontwerp was na de verbouwing van R81 meer sprake van een Nederlands fabricaat dan Brits. En met enige trots kunnen we vaststellen dat dit heeft bijgedragen aan het feit dat het schip niet de aanvankelijke drie jaar, maar uiteindelijk 40 jaar dienst heeft gedaan.

Bron: vlaggeschipsmaldeel5.nl, Foto: Foto David Meare, via Dutchfleet.net
De persoon DoormanSchout-bij-nacht (‘achteradmiraal’) Karel Doorman is tot een nationale held geworden, grotendeels als gevolg van wensdenken. Tijdens de slag om de Javazee zou Doorman de heroïsche woorden hebben gezegd: “Ik val aan, vogt mij”. Dat is verkeerd geciteerd, want wat hij in werkelijkheid zei (of beter gezegd; wat op zijn commando met morsetekens werd geseind) was het functionele: “All ships. Follow me”*, omdat hij een einde probeerde te maken aan de organisatorische verwarring na het torpederen van de Britse kruiser HMS Exeter en het vergaan van de Nederlandse torpedobootjager Hr.Ms. Kortenaer.
Een strijd waar Doorman vooraf geen heil in zag. Zo vroeg hij aan Vice-admiraal Helfrich, bevelhebber van de geallieerde vloot in de Indische archipel: “Hebben we nog een kans? Ik geloof maar heel weinig.” Een realistische inschatting van Doorman, want 10 van de 14 geallieerde schepen werden tijdens de slag en in de dagen erna tot zinken gebracht, terwijl de Japanners nauwelijks verliezen leden. Ruim tweeduizend geallieerden, onder wie meer dan duizend Nederlanders, kwamen om. Het was een nederlaag die voor Nederland niet alleen het einde betekende van de zelfstandig opererende oppervlaktevloot van de Koninklijke Marine voor de duur van de oorlog, maar ook het verlies van het grootste deel van zijn wereldrijk.
(Bron: C. Dullemond in het artikel ‘De reikwijdte van een misverstaan signaal’, militairespectator, jaargang 183, nummer 1 – 2014)Van grootheidswaan naar noodzaakDeze vernedering zal hebben bijgedragen aan het besluit om direct na afloop van de tweede wereldoorlog (en nog voordat de wederopbouw goed en wel was begonnen) een vliegkampschip aan de schaffen. Nederland wilde weer een en grote onafhankelijke zeemogendheid en een wereldmacht zijn, wat ze vanaf de Gouden Eeuw was geweest tot aan die gewraakte slag in de Javazee.
Bij een volgend conflict wilde Nederland zich afdoende kunnen verdedigen en haar koloniën beschermen, zo was de algemene zienswijze. En daar hoorde vliegkampschepen bij (men wilde er aanvankelijk zelfs 4). Maar na afloop van de tweede wereldoorlog begon de koude oorlog. Nederland was niet langer een zelfstandige militaire macht, maar onderdeel van een groter bondgenootschap; de NATO. Ook moesten de overzeese belangen worden verdedigd, terwijl in de naoorlogse periode gekolonialiseerde landen juist hun identiteit aan het herontdekken waren en streefden naar autonomie. In 1949 vond de soevereiniteits-overdracht van Indonesië plaats. Desondanks hield Nederland zich vast aan het meest ver gelegen stukje Indië, het eiland Nieuw-Guinea.
Het vlagvertoon van Smaldeel 5 in Nieuw-Guinea in 1960, waarvan de R81 het vlaggenschip was, zou de wereld, maar met name de Indonesische president Soekarno laten zien waartoe de Nederlands marine instaat was. Dat is ook gelukt vanuit militair oogpunt. Maar diplomatiek werd het een teleurstelling. Bondgenoten keerden zich tegen Nederland en havens in Australië en Japan sputterden tegen of gingen zelfs op slot voor de Doorman. De Verenigde Staten zaten niet te wachten op een confrontatie met Indonesië, passend in de Koude oorlogspolitiek van J.F. Kennedy. Soekarno zag de verzwakte politieke positie van Nederland en mobiliseerde in 1961. Daarbij kreeg hij diplomatieke steun van onze bondgenoten en de Verenigde Naties, wat in 1962 leidde tot het Akkoord van New York waarbij Nederlands-Nieuw-Guinea werd overgedragen aan Indonesië. Nederland als koloniale wereldmacht was teneinde.
(Bron: Andere Tijden, november 2005)En daarmee was het lot van ons enige vliegkampschip bezegeld; in 1964 werd besloten het relatief moderne, maar dure schip binnen 6 jaar uit de vaart te nemen (het werden er uiteindelijk slechts 4...). Ondertussen kreeg ze, door de snelle ontwikkeling van de Sovjet-marine na de Cubacrisis in 1962 en de grote dreiging van nucleaire oorlogsvoering, een gespecialiseerde taak binnen NATO-verband als ‘Anti-Submarine Warfare (ASW) carrier’ op de Atlantische oceaan. Gezien de macht van de U-boten in de tweede wereldoorlog, een zeer belangrijke taak. Ironisch genoeg kwam de R81 pas tot haar meest wezenlijk inzet toen ze was ontdaan van aanvals- of jachtvliegtuigen en met een specifieke internationale verdedigingstaak tegen de Sovjet nucleaire dreiging. Zo zal ik haar dan ook gaan bouwen.

De Porte-Avions Arromanches kit van Heller (eerste uitgave 1974) in de versie van MW Models onder de titel "'Ik val aan - volg mij" uit 2001. Voorzien van diverse extra's een een aardige hoeveelheid Trackers en Sikorsky S-58's.
In de volgende post de eerste verbouwingen. Jullie commentaar en kritieken zijn zeer welkom!

VJ