Sikorsky S-58 (HUS-1, SH-34J, UH-34J) 'Seabat' 
Bron: beeldbank.nimh, eigenaar: Negatieven en Dia's voormalig Instituut voor Maritieme Historie.
Ten tijden van de bouw van het model van Hr.Ms Karel Doorman kwam ik een kant-en-klaar model tegen van een Sikorsky S-58 in de kleuren van de Franse Marine. Ik dacht; leuk, die spuit ik in Nederlandse kleuren! Niet te veel werk en leuk voor naast de Doorman in de vitrine. Ik kon er niet meer naast zitten…
De uitlaat van de Franse S-58 zat beneden de neus, en bij de Nederlandse toestellen zat deze (zoals bij alle latere varianten) midden op de neus. Ik wilde de versie maken zoals ik die had gezien in het Nationaal Militair Museum, maar die bleek een ‘V-leg’ onderstel te hebben en het model had een ‘Bent-leg’. En de producent van het Franse model heeft zich blijkbaar vergist, want alle rotorbladen zijn rechtsom draaiend. Dat klopt voor Franse helikopters, maar niet voor Amerikaanse (ook niet als ze in licentie zijn gebouwd). Alles moet omgebouwd naar linksom draaiend. Tja, en dan pak je natuurlijk het interieur meteen even mee, ook al wijkt deze af van de ‘echte’ 134. Het is al met al toch een verbouwing geworden. En het paste niet echt in de BB Medevac, dus daarom alsnog een verslag in het militaire luchtvaartdeel.

Het model. Het leek zo simpel om deze 'even' om te kleuren.

Alleen al het loskrijgen van de deur was een hele klus. Die beschadigingen moesten gerepareerd, dus er zat niets anders op dan verder demonteren en schuren.

Echt lekker past het niet, maar als ik dan toch in de neus moet boren voor de uitlaat, waarom dan ook niet de luchtroosters correct namaken. Dat maakt toch deze helikopter.
Citaat:
S-58
Na de succesvolle S-51, gevolgd door de S-55, ontwikkelde Sikorsky op basis van specificaties van de US Navy tussen 1952 en 1954 de S-58 (civiele aanduiding), geschikt voor het bestrijden van onderzeeboten. In de militaire rol werd het toestel, afhankelijk van de functie, ‘Seabat’ (Navy), ‘Seahorse’ (Marine Corps) of ‘Choctaw’ (Army) genoemd. De eerste vlucht werd gemaakt in maart 1954. Er konden 12 tot 18 passagiers (of vracht) mee en het had 2 bemanningsleden.
De Sikorsky HSS-1N (later SH-34J) Seabat was een ASW-versie (Anti Submarine Warfare of onderzeebootbestrijdingsversie), uitgerust met sonar en dopplerradar en was geschikt voor nachtvluchten en gebruik bij slecht weer. Bovendien beschikte het over voor die tijd zeer moderne automatische stabilisatie (ASE) en hoovermogelijkheid (hover coupler). Het toestel werd ook in licentie gebouwd door Sud-Aviation die 157 stuks bouwde voor Frankrijk en 9 voor België. Westland bemachtigde de licentierechten in 1956 en ontwikkelde de ‘Wessex’, een turbine-versie waarvan 356 exemplaren zijn gebouwd. Sikorsky zelf bleef de versie met stermotor bouwen, maar leverde later wel conversieprogramma’s naar turbine motoren onder de aanduiding S-58T. Tot het eind van de productie in januari 1970 werden door Sikorsky 1821 S-58 toestellen gebouwd in de fabriek in Bridgeport. Het was de laatste Sikorsky helikopter type voorzien van een radiaal motor en ze werd opgevolgd door de legendarische S-61/SH-3 Sea King. Overigens is er wereldwijd nooit een Russische onderzeeër gezonken of beschadigd geraakt door inzet van een Seabat.

Het uitboren van de openingen voor de roosters van de luchtgekoelde motor.

Het PE was eigenlijk net niet helemaal correct van vorm, dus heb ik er stukjes tussenuit moeten halen om het passend te krijgen.

De riempjes heb ik zelf gemaakt van 1mm afplakplakband (in tweeën gesneden) en omgebogen stukjes metaal.

De stoelen waren niet oranje, maar grijs. Ik zie op sommige referentie foto's echter soms oranje kussens. En dat past in mijn ogen mooi bij de MLD kleuren uit die tijd, dus waarom ook niet.

Verder heb ik de cockpit gelaten zoals hij is in het model. Er komt geen raam open te staan, dus het gaat om de hoofdlijnen.
Citaat:
MLD
Vanaf 1951 tot 1954 beschikte de Marine Luchtvaartdienst (MLD) al over haar eerste helikopters; de Sikorsky S-51 ‘Jezebel’ en van 1954 tot 1962 vlogen er drie Sikorsky S-55’s bij VSQ. 7 (‘Cleopatra’, ‘Delilah’ en ‘Salome’ die in het Aviodrome staat). Aanvankelijk werden deze enkel ingezet voor transport, opsporing en reddingstaken. Maar met de toenemende dreiging van Sovjet nucleaire onderzeeërs veranderende de taakstelling van het vliegdekschip Hr.Ms. Karel Doorman in puur ASW en daar was moderner materieel voor nodig dan de oude Grumman TBM Avengers, die nog met minimaal twee toestellen in hunter/killer verband moesten werken om operationeel slagvaardig te zijn.
Het Mutual Defense Assistance Program, of MDAP, was in het begin van de jaren vijftig opgezet om vanuit de VS militaire ondersteuning te bieden aan NAVO-landen. In het kader van MDAP werden vanaf 1960 zowel 28 Grumman Trackers als 10 SH-34J Seabats geleverd. In 1963 kwamen daar nog twee helikopters bij (134 en de 135) die niet onder MDAP werden geleverd. Al deze toestellen waren voorzien van ASW-apparatuur en bijhorende wapensystemen, waarbij zowel de ‘hunter’ (opsporing) als ‘killer’ (bestrijding) functies in één toestel werden ondergebracht. De Trackers gingen naar No.4 squadron (VSQ-4) en diende voor de langeafstand patrouilles en de Seabats werden bij No.8 squadron (VSQ-8) ingedeeld en opereerde dichter bij het moederschip.
Doorgaans waren 6 Seabats gestationeerd op Valkenburg voor transport, opsporing en reddingstaken en 6 op het vliegdekschip Hr.Ms. Karel Doorman voor ASW-taken, maar ook COB (Carrier On Board delivery) en 'plane-guard' duties tijdens het starten en landen van de Grumman Trackers. De Seabat was zeer geschikt voor operaties op een vliegdekschip, niet alleen vanwege de flexibele inzet voor meerdere taken, maar ook vanwege de opvouwbare staart en rotorbladen, waardoor ze gemakkelijk op de vliegtuiglift paste en benedendeks weinig ruimte nodig hadden.

In eerste instantie wilde ik het interieur laten zoals het was. Uiteindelijk zag ik foto's van andere brouwers die het interieur wel hadden aangepast. Met name de keuze voor (wederom) oranje leek bij mooi. Ook al is het interieur van het toestel dat in Soesterberg in het museum staat echt anders.



Dit is het interieur geworden. Een hele uitdaging om deze in het model te verwerken, zonder de romp open te breken. Maar het is gelukt. Daarom ook dat niet alle onderdelen aanwezig zijn. Ik maak gebruik van het coulissen effect: Alleen de delen die door de ramen of de openstaande schuifdeur zichtbaar zijn heb ik aangebracht. De rest is weggelaten (want toch niet zichtbaar).
Citaat:
De MLD-helikopters waren voorzien van een uitlaat halverwege de neus. Dit was een ‘high stack flames dampening exhaust’, met een driedubbele uitlaat. Het doel was om minder vlammen uit te stoten, die het nachtzicht van de linker vlieger/observator konden belemmeren (Het toestel werd standaard van de rechter stoel gevlogen maar was aanvankelijk gecertificeerd met een multi-pilot cockpit). Een ander nadeel van de eerder laag geplaatste uitlaat was dat ze banden en/of drijvers beschadigden met hete uitlaatgassen. De eerste toestellen van de MLD waren voorzien van de oorspronkelijke ‘Bent-legs’ (alle ‘veertigers’, minus 140) en de later geleverde toestellen hadden ‘V-legs’ (alle ‘dertigers’ + 140). ‘V-legs’ waren sterker en maakte het toestel minder gevoelig voor grondresonantie.
De Seabat was standaard voorzien van een hydraulische winch (lier) met een tilcapaciteit van 272 kg en 30 tot 90 meter kabel. Daarnaast kon er tot 2 ton aan gewicht aan de cargo sling hangen.
Het toestel was voorzien van één R-1820 Cyclone negencilinder stermotor die 1525 pk kon leveren (zelfde type als de motoren van de Grumman Tracker) en die was ingebouwd in de neus. Tegenwoordig zijn twee motoren de standaard voor dergelijke zware helikopters en de meeste ongelukken met de MLD-toestellen kwamen dan ook door motorstoringen boven zee, waarna toestellen landen op zee en zonken. Dit leidde zelfs tot een tijdelijk vliegverbod. Later kregen de Seabats aan het landingsgestel opblaasbare rubberen bollen om ze drijvend te houden, zodat er tijd was om de toestellen te bergen.

De anti-torque rotor heb ik gedemonteerd om het straks andersom terug te monteren (maar dan met de juiste draairichting). Met de hoofdrotor heb ik hetzelfde gedaan, maar dat was eenvoudiger omdat deze los bij het model werden meegeleverd.

Het landingsgestel heb ik opnieuw opgebouwd. De Bent-leg had een breedte van 12 voet en de V-leg was iets breder met 14 voet. Daarmee kwam de hele verhouding van de diverse onderdelen anders te liggen.


Uiteindelijk heb ik de oleo strut deels opnieuw gebruikt, maar versterkt met een metalen kern.

Van armory models vond ik een conversiesetje met self-inflating emergency floats bevestigd aan de wielen.
Citaat:
De aanvankelijke aanduiding was HSS-1N (‘H’ Helicopter, ‘S’ Scout/Anti-submarine, ‘S’ Sikorsky. De ‘N’ geeft aan dat de kist ingericht is voor instrument vliegen en geautomatiseerde vluchtstabilisatie), dat later werd gestandaardiseerd op SH-34J, waarbij ‘SH’ stond voor Scout Helicopter/ASW en de ‘J’ voor all-weater operations. Toen in 1966 besloten werd de Hr.Ms Karel Doorman vier jaar later uit dienst te nemen (door brand gebeurde dit zelfs al in 1968) werden de resterende toestellen 134, 135, 137,138, 142 en 144 ontdaan van de onderzeebootbestrijdingsapparatuur en verbouwd tot UH-34J (met de ‘U’ van Utility). Na de ombouw werden ze overgedragen aan VSQ-7 en dienden ze vooral voor transport doeleinden. Begin jaren zeventig werd nog overwogen een modernisatie programma op te starten; de heli's zouden dan nieuwe turbine motoren krijgen. Maar uiteindelijk ging dat niet door en de laatste UH-34J van de MLD (toestel 142) ging in 1972 uit dienst.
De bronnenlijst voor bovenstaande citaten:
https://www.heli-archive.ch/en/helicopt ... orsky-s-58https://ipms.nl/artikelen/nedmil-luchtv ... korsky-s58https://ipms.nl/artikelen/nedmil-luchtv ... rsky-s58-4https://collectie.nmm.nl/nl/collectie/detail/471244/http://www.vlaggeschipsmaldeel5.nl/html/sikorsky.htmlhttps://onzemarinevloot.weebly.com/siko ... -h-34.htmlhttps://aerialvisuals.ca/LocationDossie ... erial=3557http://www.aviastar.org/helicopters_eng/sik_s-58.php

En zo komen we uit bij waar het model nu staat. In de grondverf en voorzien van PE. Jullie zijn bijgepraat over de vorderingen van de afgelopen twee maanden, toen ik dit project naast de bouw van de Alouette II had opgepakt. Hierna ga ik verder met het aanbrengen van de MLD kleuren, decals en wielen en rotorbladen.
Ik hoop dat jullie het verslag en de foto's leuk vinden en tot de volgende!

VJ